In zijn afscheidsrede zei George Washington: “Het is onze ware politiek om ons verre te houden van permanente allianties met welk deel van de vreemde wereld dan ook.”

Wat een beledigende gedachte voor generaals van het Pentagon, directeuren van de wapenindustrie, denktankers in DC en bureaucraten van het Ministerie van Buitenlandse Zaken, die, in plaats van permanente bondgenootschappen te vermijden, onophoudelijk op zoek zijn naar nieuwe bondgenootschappen, schrijft Brian McGlinchey.

Die impuls wordt levendig geïllustreerd door de gevaarlijk provocerende uitbreiding van de NAVO na de Koude Oorlog, en de gevolgen daarvan zijn duidelijk zichtbaar in de huidige spanningen met Rusland, die zich toespitsen op Oekraïne.

De NAVO werd opgericht om zich te verzetten tegen een Sovjet-imperium dat niet langer bestaat. Als de Amerikaanse presidenten de wijze raad van Washington hadden opgevolgd, zouden zij bij het einde van de Koude Oorlog het voortouw hebben genomen bij de ontmanteling van de NAVO. In plaats daarvan heeft de NAVO, met Amerikaanse aanmoediging, haar ledenaantal bijna verdubbeld – van 16 landen toen de Berlijnse Muur viel tot 30 nu.

Met elk nieuw lid zijn de Amerikaanse regering en Amerikaanse militairen gebonden aan een ander ver verwijderd struikeldraad: Volgens artikel 5 van het NAVO-verdrag dwingt een aanval op een lidstaat de andere verdragsleden te hulp te schieten. Het is de belichaming van wat Thomas Jefferson een “verstrengelde alliantie” noemde.

Hoewel de groei van het aantal NAVO-landen en de Amerikaanse oorlogsverplichtingen verontrustend is, is het de richting die het meest verontrustend is: Door de uitbreiding van de NAVO is de alliantie meedogenloos oostwaarts gemarcheerd, tot aan de grens met Rusland.

Om een idee te krijgen van hoe dat in Rusland wordt ervaren, stel je voor dat Rusland na de ineenstorting van de Sovjet-Unie het Warschaupact nieuw leven zou willen inblazen door Mexico uit te nodigen zich aan te sluiten bij een militaire alliantie die in 1955 was opgericht om zich tijdens de Koude Oorlog tegen de NAVO te verzetten. Amerikanen zouden een dergelijke stap even verbijsterend en verontrustend vinden.

De manier waarop de uitbreiding van de NAVO verliep, was echter nog erger dan dat.

Een internationale belofte gebroken, over nadrukkelijke binnenlandse bezwaren

Tijdens de diplomatieke manoeuvres in de aanloop naar de hereniging van Duitsland en de terugtrekking van de Sovjettroepen gaven de westerse leiders Moskou herhaaldelijk de verzekering dat de NAVO niet naar het oosten zou uitbreiden.

De meest prominente en nadrukkelijke verzekering kwam van de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken James Baker, tijdens een ontmoeting met Sovjetleider Michail Gorbatsjov in 1990. Baker zei: “Als de Verenigde Staten hun aanwezigheid in Duitsland binnen het kader van de NAVO houden, zal geen centimeter van de huidige militaire jurisdictie van de NAVO zich in oostelijke richting uitbreiden.”

Enkele jaren later echter, begonnen de NAVO en President Clinton een dergelijke uitbreiding te overwegen – maar niet zonder controverse. De Amerikaanse diplomaat George Kennan, een belangrijk figuur in de strategie van de Koude Oorlog en auteur van het beleid van Sovjet “containment”, was ondubbelzinnig in zijn verzet.

In een essay uit 1997 gepubliceerd door The New York Times, zei Kennan: “Uitbreiding van de NAVO zou de meest noodlottige fout van het Amerikaanse beleid zijn in het hele tijdperk na de Koude Oorlog…Een dergelijk besluit zal naar verwachting…de sfeer van de Koude Oorlog terugbrengen in de Oost-West betrekkingen, en het Russische buitenlandse beleid in richtingen drijven die ons beslist niet aanstaan.”

Kennan was niet de enige. Een tweepartijdige groep van 50 buitenlands-politieke grootheden – waaronder Koude Oorlog haviken als Paul Nitze en Robert McNamara – ondertekende een open brief aan President Clinton tegen de uitbreiding van de NAVO.

“Rusland vormt nu geen bedreiging voor zijn westelijke buren en de naties van Centraal- en Oost-Europa zijn niet in gevaar…wij geloven dat NAVO-uitbreiding noch noodzakelijk noch wenselijk is en dat dit slecht doordachte beleid kan en moet worden opgeschort,” verklaarde de groep.

In 1999 gingen Clinton en de NAVO er toch me door – en deden daarmee afstand van de garanties die hun voorgangers aan Moskou hadden gegeven – en de eerste uitbreidingsronde van de NAVO na de Koude Oorlog bracht Polen, Hongarije en de Tsjechische Republiek in het militaire verdrag.

Latere uitbreidingsgolven voegden nog eens 11 landen toe, en de wederzijds voordelige buffer van staten tussen de NAVO en Rusland werd steeds kleiner, en verdween gedeeltelijk door de toevoeging van Estland en Letland.

Niet afgebeeld: Montenegro (2017) en Noord-Macedonië (2020)

Rusland heeft met tegenzin aanvaard dat het NAVO-lidmaatschap sinds het einde van de Koude Oorlog bijna is verdubbeld, maar het ziet het vooruitzicht van een Oekraïens lidmaatschap veel ernstiger in.

Die centrale factor in de huidige spanningen kwam voor het eerst aan het licht in 2008, toen NAVO-functionarissen tijdens een top in Boekarest overwogen Oekraïne en Georgië in het pact op te nemen.

“De regering George W. Bush was daar voorstander van, maar Frankrijk en Duitsland waren ertegen, uit vrees dat het Rusland onnodig tegen zich in het harnas zou jagen,” schreef John Mearsheimer, hoogleraar buitenlands beleid aan de Universiteit van Chicago.

Er werden geen uitnodigingen verstuurd, maar in een compromis dat neigde naar het standpunt van Amerika, gaf de NAVO een volledige steun aan het lidmaatschap van Oekraïne en Georgië als mogelijkheid: “De NAVO verwelkomt de Euro-Atlantische aspiraties van Oekraïne en Georgië om lid te worden van de NAVO. We zijn het er vandaag over eens dat deze landen lid van de NAVO zullen worden.”

William Burns, toen Amerikaans ambassadeur in Oekraïne en nu Biden’s CIA-directeur, waarschuwde Washington voor de grote onrust in Rusland over het vooruitzicht dat Oekraïne lid zou worden van de NAVO. In een kabel uit 2008 met de titel “Nyet Means Nyet: Russia’s NATO Enlargement Redlines,” schreef Burns:

“De NAVO-aspiraties van Oekraïne en Georgië raken niet alleen een gevoelige snaar in Rusland, maar leiden ook tot ernstige bezorgdheid over de gevolgen voor de stabiliteit in de regio. Rusland ziet niet alleen een omsingeling en pogingen om Ruslands invloed in de regio te ondermijnen, maar vreest ook voor onvoorspelbare en ongecontroleerde gevolgen die de Russische veiligheidsbelangen ernstig zouden aantasten.
Deskundigen vertellen ons dat Rusland met name bezorgd is dat de sterke verdeeldheid in Oekraïne over het NAVO-lidmaatschap, waarbij een groot deel van de etnisch-Russische gemeenschap tegen het lidmaatschap is, tot een grote scheuring zou kunnen leiden, met geweld of in het ergste geval een burgeroorlog. In dat geval zou Rusland moeten beslissen of het ingrijpt; een beslissing die Rusland niet wenst te nemen.

2014: Een door de VS aangemoedigde staatsgreep in Oekraïne

Terwijl de NAVO met Oekraïne flirtte als militaire partner, maakte de Europese Unie het voormalige Sovjetland het hof als economische partner. De meerderheid van de Oekraïense etnische bevolking is voorstander van het EU- en NAVO-lidmaatschap, terwijl de meeste etnische Russen ertegen zijn.

In 2013 en 2014 zou de hofmakerij van de EU leiden tot bloedvergieten en de door het Westen aangemoedigde omverwerping van de democratisch verkozen, Rusland-vriendelijke Oekraïense president Viktor Janoekovitsj.

Janoekovitsj had onderhandeld over een economische deal met de EU, maar schrapte die ten gunste van een tegenbod van Rusland, dat inhield dat Moskou voor 15 miljard dollar aan Oekraïense staatsobligaties kocht en de prijs van Russisch aardgas verlaagde.

Er volgden protesten en ongeveer honderd demonstranten werden gedood. Westerse regeringen zagen een kans voor een regimewisseling waarbij een regering zou worden geïnstalleerd die zich aan de zijde van het Westen zou scharen tegen Rusland.

Senator John McCain vloog naar Kiev en sloot zich aan bij de demonstranten in de straten, net als Victoria Nuland, assistent-secretaris van Buitenlandse Zaken van Obama, en Geoffey Pyatt, ambassadeur in Oekraïne.

Toen de macht van Janoekovitsj ten einde liep, werden Nuland en Pyatt in een uitgelekt telefoongesprek gehoord om hun favoriete politicus, Arseniy Yatsenyuk, aan de macht te helpen.

“Yats is de man,” zei Nuland, die weken eerder had opgeschept dat de Verenigde Staten 5 miljard dollar hadden uitgegeven na de onafhankelijkheid van Oekraïne in 1991 om de politiek van het land vorm te geven. Toen Janoekovitsj naar Rusland vluchtte, werd Nuland’s doel bereikt: Yatsenyuk werd eerste minister.

Amper twee dagen na de staatsgreep alarmeerde het Oekraïense parlement de etnische Russen van het land door zonder debat een wetsvoorstel erdoor te drukken dat het gebruik van het Russisch als bijkomende officiële taal niet langer toestond in regio’s waar de Russische minderheden minstens 10% van de bevolking uitmaken.

De ongerustheid van de Russische en andere etnische minderheden werd nog vergroot door de aanzienlijke aanwezigheid van neo-nazistische elementen in de Oekraïense nationalistische beweging. Gezien de verwoestende tol die de strijd van Rusland tegen het nazisme in de Tweede Wereldoorlog heeft geëist, kan men begrijpen dat dit ook in Moskou een reden tot ongerustheid is.

De abrupte machtsoverdracht van Oekraïne gaf Rusland nog iets om zich zorgen over te maken: het schiereiland de Krim, waar niet alleen een grotendeels Russische bevolking woont, maar ook Ruslands strategisch belangrijke warmwaterbasis in Sevastopol.

In 1954 werd de Krim door Sovjetleider Nikita Kruschev terloops van Rusland aan Oekraïne overgedragen, als een soort cadeau voor de 300e verjaardag van de eenwording van Oekraïne met Rusland. In die tijd leek het relatief onbeduidend om het bestuur van de Krim van het ene deel van de USSR naar het andere over te hevelen.

In februari 2014 werd de overdracht echter zeer belangrijk, toen het vooruitzicht ontstond dat de nieuwe Oekraïense nationalistische regering de huurovereenkomst van Rusland met de marinebasis zou beëindigen.

Om die mogelijkheid te voorkomen, gaf Poetin zijn troepen de opdracht de Krim bij Rusland in te lijven. Aangezien er al duizenden Russische troepen op de marinebasis waren en de in meerderheid Russische bevolking de Russische overheersing verkoos, was de feitelijke inname minder dramatisch dan de media deden geloven.

Elders in Oekraïne werd de periode na de staatsgreep echter gekenmerkt door geweld en duizenden doden, omdat Russische separatisten in de oostelijke regio’s Donetsk en Luhansk proberen onafhankelijke republieken te stichten.

De Russische bezorgdheid over de destabiliserende effecten van westerse toenaderingen tot Oekraïne, die door toenmalig ambassadeur William Burns in zijn telegram uit 2008 werd geuit, is gegrond gebleken. Ondertussen hoopten de Amerikaanse interventionisten misschien dat de Oekraïense regimewisseling de Sevastopol marinebasis uit Russische handen zou wrikken, maar Rusland heeft er alleen maar meer greep op gekregen dan voorheen.


De uitbreiding van de NAVO illustreert de intrinsieke drang van elk overheidsorgaan om zijn macht en budget voortdurend uit te breiden.

En in de Oekraïne-crisis zien we duidelijk wat Richard Sakwa “een noodlottige geografische paradox” noemt: “dat de NAVO bestaat om de risico’s te beheren die door haar bestaan worden gecreëerd”.

Vergis u niet, de NAVO bestaat ook om de wapenindustrie te verrijken, ten koste van burgers wier leven in groter gevaar wordt gebracht door NAVO’s imperiumvorming, die het antagonisme voedt met een land dat bewapend is met 4.500 kernwapens.

Om ten volle te beseffen hoezeer de NAVO en de wapenproducenten met elkaar verweven zijn, bekijk dit split-screen vignet uit een New York Times verhaal uit 1997:

“s Avonds is Bruce L. Jackson voorzitter van het U.S. Committee to Expand NATO, en geeft intieme diners voor senatoren en buitenlandse ambtenaren. Overdag is hij directeur van strategische planning voor Lockheed Martin Corporation, ‘s werelds grootste wapenproducent.”

Polen trad ongeveer twee jaar na de publicatie van dat verhaal toe tot de NAVO en zou vervolgens een overeenkomst ondertekenen om zijn Sovjetjets te vervangen door 32 F-35A’s van Lockheed Martin – voor een bedrag van 4,6 miljard dollar.

Dat is slechts één representatief voorbeeld. Terwijl de uitbreiding van de NAVO en het nodeloos antagonisme tegenover Rusland de spanningen blijft aanwakkeren, blijft het geld voor wapens stromen.

Vorige week nog drongen de Democraten in het Huis, die graag hun vastberadenheid wilden tonen tegen een vermeende op handen zijnde Russische invasie waarop zelfs Oekraïne niet anticipeert, aan op een snelle goedkeuring van een militair hulppakket, waarbij toestemming werd gegeven voor de besteding van een half miljard dollar die de schatkist van de VS niet heeft.

De contraproductieve NAVO-EU flirt met Oekraïne duurt nu al 14 jaar. Oekraïne staat op de 122e plaats van de corruptie-index van Transparency International en de kans bestaat dat de NAVO en de EU nog jaren in hun handen zullen wringen voor ze ooit de knoop doorhakken.

De Oekraïense president Volodymyr Zelensky lijkt over dit alles geïrriteerd. Toen hij vrijdag sprak over de aanhoudende onzekerheid over het Oekraïense lidmaatschap van de NAVO, zei hij: “We willen duidelijke antwoorden, we moeten iets hebben waar we op kunnen rekenen… Nou, geef ons de redenen. Oké, we komen niet in de NAVO – oké, vertel ons dat we geen NAVO-lid zullen zijn. Zeg het openlijk: we zullen er nooit lid van zijn.”

Laten we Oekraïne dat vertellen, en opnieuw Jefferson’s ideaal nastreven van “vrede, handel, en eerlijke vriendschap met alle naties, verstrengelde allianties met geen.”


Help ons de censuur van BIG-TECH te omzeilen en volg ons op Telegram:

Telegram: t.me/dissidenteen

Meld je aan voor onze gratis dagelijkse nieuwsbrief, 10.000 gingen je al voor:


De Coronahoax loopt ten einde – De elite beseft dat een oorlog hun doelen beter dient

0 0 stemmen
Artikelbeoordeling
Abonneer
Laat het weten als er
guest

0 Reacties
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties