Een economisch herstel na Corona stuit op onverwachte obstakels: een combinatie van tekorten en inflatie die niet alleen de autofabrieken tot stilstand brengt. Hogere prijzen zullen waarschijnlijk ook de supermarkten treffen.

Door de lockdowns zijn de winkelstraten van de Duitse binnensteden veranderd in verlaten zones, en van het culturele leven is voorlopig weinig meer over. De meesten hopen op een gegeven moment weer het oude normaal terug te zien. Normaliteit niet alleen in termen van contactverbod en maskerplicht, maar ook in termen van dagelijkse economische activiteit. Verschillende deelstaten hebben programma’s opgelegd om binnensteden nieuw leven in te blazen (Beieren en Hessen, bijvoorbeeld). Maar dit is slechts één en niet de grootste van de economische uitdagingen, meldt RT.de.

Af en toe haalt een van de nieuwsberichten over de huidige ontwrichtingen zelfs het nieuws. De productiestops in autofabrieken, bijvoorbeeld, hebben het gehaald. Het blijft dan echter bij één enkel bericht en ten vroegste wanneer de volgende autofabriek een produktielijn voor een paar weken sluit, wordt er weer iets over gehoord.

Aangenomen wordt dat dit jaar wereldwijd tot vier miljoen minder auto’s zullen worden geproduceerd dan vorig jaar. Ter vergelijking: BMW’s en Daimler’s jaarlijkse wereldwijde productie bedraagt elk ongeveer 2,5 miljoen voertuigen. De oorzaak is een tekort aan chips die in elk voertuig nodig zijn. Een brand in een halfgeleiderfabriek in Japan wordt vaak genoemd als de oorzaak van het tekort, maar een artikel in Wirtschaftswoche wees op de verantwoordelijkheid van de autofabrikanten zelf. Deze zouden in het afgelopen jaar orders hebben geannuleerd als gevolg van de Corona-crisis, vaak zelfs op onrechtmatige wijze, en daardoor veel vertrouwen hebben verloren.

Maar er is veel meer uit balans dan alleen de autoproductie. Ook de productie van andere elektronische apparaten heeft te lijden onder een tekort aan chips – van servers tot wasmachines. En het probleem is niet snel te verhelpen. Volgens IBM-voorzitter Jim Whitehurst wordt verwacht dat het nog enkele jaren zal duren. De economische oorlog tussen de V.S. en China speelt natuurlijk ook een rol. Op zijn minst wordt beweerd dat China een voorraad halfgeleiderelementen aanlegt om mogelijke sancties af te wenden. Intel, de grootste chipfabrikant, heeft deze kans reeds aangegrepen en zich bereid verklaard fabrieken in Europa te vestigen indien het acht miljard euro aan financiële middelen zou ontvangen.

Maar er zijn ook problemen waar chips niet nodig zijn. Ook aan hout en andere bouwmaterialen is momenteel een tekort: isolatiemateriaal, constructiestaal, verf, metalen, buizen, schroeven en dakbedekking. Niet alleen nieuwe gebouwen, maar ook energie-efficiënte renovaties worden zo met een probleem geconfronteerd en kunnen aanzienlijke vertraging oplopen – en duurder worden. In een enquête van het Instituut van de Duitse Economie onder 23 industrieverenigingen zag meer dan 40 procent van de respondenten een ernstig kortetermijneffect van binnenlandse of buitenlandse supply-chain problemen, d.w.z. het gebrek aan verschillende soorten inputproducten. Minder dan de helft verwachtte  een geringe verbetering op middellange termijn.

Uit het spectrum van respondenten blijkt hoe wijdverbreid de huidige moeilijkheden zijn. Zij variëren van de automobiel- en de kunststofindustrie tot schilders en stukadoors, alsook de bouwindustrie en mechanische en installatietechnische bedrijven – van de geschoolde beroepen tot de grootschalige industrie. Er is dus nauwelijks een sector die niet wordt getroffen. De Duitse Industriebond heeft reeds opgeroepen tot Europese interventie omdat deze knelpunten bij de bevoorrading een opleving na de Corona-crisis in de weg zouden kunnen staan. De Centrale Vereniging van de Elektriciteitshandel eiste onder meer een verlenging van de korte-termijnuitkering en een afschaffing van de contractuele boetes wegens vertragingen als gevolg van knelpunten.

De eindverbruikers zullen de stijging van de landbouwprijzen waarschijnlijk nog sterker voelen. De prijzen voor granen en plantaardige olie zijn hoger dan in de afgelopen acht jaar. Slechts een deel van deze stijging is daadwerkelijk afkomstig van de landbouwsector. Aan de ene kant stijgen de kosten door de olie- en meststofprijzen, terwijl aan de andere kant de scheepvaartkosten, of het nu gaat om bulkvervoer of containervervoer, hoger zijn dan ze lange tijd zijn geweest.

De Harpex-index voor containervrachtvervoer heeft zelfs het maximum van 2008 overschreden. Dankzij langlopende leveringscontracten kan het nog wel even duren voordat deze prijsstijgingen de boodschappentassen bereiken, maar brood, graanproducten en spijsoliën, en ook vlees, zullen dit jaar waarschijnlijk aanzienlijk duurder worden.

De lonen zijn het afgelopen jaar echter gedaald en de eerste loonafspraken van dit jaar laten weinig hoop op verbetering. In april heeft IG Metall een collectieve overeenkomst gesloten voor Noordrijn-Westfalen met slechts eenmalige betalingen, zonder procentuele verhogingen, en met een looptijd van twee jaar. Aangezien verhogingen van de pensioenen en de sociale basisvoorzieningen afhankelijk zijn van de loonontwikkeling, zullen veel mensen in dit land hun portemonnee steeds leger zien worden naarmate de prijzen over de hele linie stijgen. Een verdere verhoging van de CO2-belasting kan dan “na Corona” voor een verdere verarming zorgen.


Help ons de censuur van BIG-TECH te omzeilen en volg ons op Telegram:

Telegram: t.me/dissidenteen

Meld je aan voor onze gratis dagelijkse nieuwsbrief:


Is hyperinflatie op komst? Experts voorspellen prijsexplosie na Corona

0 0 stemmen
Artikelbeoordeling
Abonneer
Laat het weten als er
0 Reacties
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties